Autisme en eetproblemen: "Ik had gewoon geen honger"

Quinten is 18 jaar, woont thuis en zit op het vmbo. Quinten heeft een autismespectrumstoornis en eetproblemen: hij vergeet overdag te eten. Daarvoor krijgt hij begeleiding van Frieda Boudesteijn, behandelaar bij de Poli Autisme Kind en Jeugd van Yulius. "Nu snap ik wel dat het niet goed is om te weinig te eten."

"Ik at altijd al slecht. Ik at alleen maar avondeten. Overdag at ik misschien één boterham als ik eraan dacht. Er was niet echt een reden voor. Ik had gewoon geen honger. ’s Avonds had ik ook geen honger, maar omdat iedereen dan aan tafel ging om te eten, at ik ook."

Begeleiding

"Ik werd al bij Yulius begeleid voor autisme. Ik kreeg uitleg over autisme en wat daardoor kan gebeuren. Dat sommige dingen moeilijker gaan, zoals met mensen omgaan, en andere dingen gemakkelijker, zoals rekenen. Daar vertelde ik dat ik overdag niet at. Toen werd ik doorverwezen naar Frieda. Samen met Frieda heb ik gekeken naar wat ik at en naar hoe we daar wat bij konden krijgen. We begonnen met één boterham voor ontbijt en twee boterhammen tussen de middag. Dat zouden we steeds verder uitbreiden."

Niet lekker

"In het begin vond ik het lastig. Daarna ging het in golfbewegingen; een tijdje ging het goed en dan weer wat minder. Ik vind boterhammen niet lekker, dat komt door de textuur en de smaak. Zoetigheid erop, zoals chocopasta en pindakaas, helpt een beetje maar niet veel. Ik eet ze toch omdat het nodig is. Het lekkerste vind ik alles uit de frituurpan, maar dat eet ik niet te vaak. Het allerviest vind ik champignons en spruiten. Ik eet het soms wel, maar liever niet."

Vooruitgang

"Ik ben nu een jaar, anderhalf jaar bezig en ik eet vijf á zes boterhammen per dag. Dat is een hele vooruitgang. Het doel is om vier boterhammen tijdens de lunch te eten. En fruit tussendoor, het liefst twee stuks. Terwijl ik er eigenlijk liever nul eet. Ik vind de training niet vervelend. En Frieda is wel goed. Ze denkt mee over oplossingen. Bijvoorbeeld voor het fruit eten. Ze stelde voor om een alarm af te laten gaan op mijn telefoon. Dat is niet gelukt, want ik drukte het weg. Toen stelde ze voor om dan smoothies te maken. Dat heeft mijn moeder een tijdje gedaan. Dat ging goed."

Meer energie

"In het begin vond ik eigenlijk dat ik geen eetprobleem had. Nu snap ik wel dat het niet goed is om te weinig te eten. Het gaat nu beter. Ik heb ook meer energie. Dat merk ik op de fiets naar school: dat gaat sneller. Mijn moeder maakte zich vroeger wel zorgen. Zij vindt de training goed omdat ik nu meer eet dan eerst."